Onderzoek

Onderzoek

Sinds 1985 leiden we een onderzoeksprogramma op het gebied van viscerale osteopathie. Via radiografische en echografische beelden hebben we eerst de beweging(de dynamiek) bestudeerd in de abdomen, in de tractus gastro-darm, de lever, de milt, de nieren, de pancreas, onder invloed van de diafragmatische ademhalingsbeweging: deze beweging komt niet overeen met het peristaltisme.

1 ONDERWERP

Voor 1985 is de viscero-diafragmatische bio-dynamiek niet globaal op een wetenschappelijke en statistische manier bestudeerd. Een schatting van deze beweging was, door argumentatie gebaseerd op de anatomie en fysiologie voorgesteld, zonder dat deze statistisch bevestigd werd. Laten we duidelijk zijn, dat vanuit een epistomologisch oogpunt deze studie geleid werd met alle objectieve striktheid, waarbij we weigerden de resultaten af te leiden: ontbloot van alle leidende overtuigingen, hebben we in alle simpelheid geprobeerd naderbij te komen bij wat er bestaat. Wij zijn dus sinds 1985 verbonden aan dit werk. Alles moest nog gedaan worden: het vaststellen van de beelden die het toestaan om een optimale benadering van de organen te verkrijgen(onderstrepen we dat vandaag de dag de gebruikte beelden nog altijd voldoende zijn in het kader van dit onderzoek), het opstellen van een protocol en een strenge methodologie; in de loop van de werken inventariseren van de misvattingen, deze classificeren, analyseren en omzeilen, realiseren van onderzoeken en ze lezen, zoeken naar de medwerking van een statisticus die in staat is om onze motivatie te begrijpen en het op poten stellen van een programma, het interpreteren van de resultaten….. Kortom, zich omringen met alle nodige en voldoende voorzorgsmaatregelen, een voorwaarde bij het realiseren van een betrouwbaar werk. Het geheel is drie jaar onderzoek, vierentwintig uur video opname en drieduizend foto’s.

2 MIDDELEN

De studie van de tractus gastro-darm bio-dynamiek is gerealiseerd door radiografische onderzoeken. De studie van de lever bio-dynamiek, de milt, de nieren en de pancreas zijn door middel van echografie gerealiseerd.

3 METHODOLOGIE

Alle geciteerde waarden verwijzen,bij een staande patient, naar een verplaatsing van het bestudeerde orgaan vanuit de uitademing naar de inademing, dit is een voordeel bij het reproduceren van de condities in het alledaagse leven. De radiografische en echografische onderzoeken zijn op video opgenomen. Deze videoband wordt gezien op het scherm van de echograaf van waaruit wij onze beelden(foto’s) realiseren, één bij inademing, de andere bij uitademing. Deze beelden(foto’s) worden vergroot, verzonden door de grafische tafel naar de computer die het voor elk ruimteplan, voor de horizontale en verticale verplaatsing van het orgaan, alsmede de variaties in de buigingsas, in het geheugen opslaat.

4 TEST MISVATTING EN RUIMTE VOOR MISVATTING

Met het doel om alle bronnen van misvatting, verbonden aan de vele manipulaties hiervoor beschreven(ongewilde oscillaties van de patient gedurende het onderzoek, ongewilde bewegingen van de echografische sonde door de manipulator, enz.),op te sporen en uit te sluiten, hebben we een serie van misvatting testen gerealiseerd, onderworpen aan een statistische analyse; we hebben een recapitulerende lijst gemaakt van verschillende misvattingswaarden en zodoende een precieze misvattingsruimte tot stand gebracht en dienst doet als referentie voor de statistische studie. Bovendien heeft de analyse van de dynamiek bij éénzelfde orgaan, geobserveerd bij een serie van tien ademhalingen, het ons in staat gesteld om statistisch te zeggen dat DE VISCERALE DYNAMIEK PERFECT HERHALEND IS EN STELT OP EEN CONSTANTE MANIER DEZELFDE VARIATIES VOOR.

Repetitieve karakter (VIDEO 7Mo)

5 STATISTIEKEN

De dossiers die opgeslagen zijn, hebben het mogelijk gemaakt om een statistische studie te realiseren(middelen, spreid-types,correlaties,histografie,interpretatie….).

6 CONCLUSIES

Het osteopatische concept ondersteunt vooral dat de viscerodiafragmatische bio-dynamiek georganiseerd is in een nauwkeurig systeem, waar anarchie geen plaats heeft, waar de viscerae verplaatst zijn onder de diafragmatische druk naar gelang de assen en constante richtingen en bovendien hangt het functioneren van dit systeem in principe af van de homeostasie van de organen en andere systemen in het algemeen volgens het concept van onderlinge afhankelijkheid en onderlinge relatie. VOLGENS ONZE STUDIE BESTAAT ER MET DUIDELIJKHEID EEN GEORGANISEERDE EN HERHALENDE VISCERALE DYNAMIEK TIJDENS DE ADEMHALING.

Voorbeelden van de viscerale dynamiek.

VIDEO : Dynamiek van de maag (9Mo)

Video 7 : Grote tubereus van de maag, diafragmatische koepel links, media stinum, diafragmatische koepel rechts(sagitaal schema)

Video 8 : Colon ascendens(frontaal schema)

Video 9 : Colon iliacaal(frontaal schema)

Video 12 : Lever (sagitale doorsnede)

Daarnaast gaan we door met onze onderzoeken in samenwerking met de ingenieurs van de FPM(Mons-Belgie) om een systeem, via medische beelden, voor de viscerale dynamiek analyse te ontwikkelen.

7 TWEE RECENTE STATISTISCHE STUDIES

A. ONTREGELING VAN DE DYNAMIEK EN ORGANISCHE FUNCTIONELE STOORNISSEN

Met betrekking tot het versterken van de conclusies,hebben we een hypothese opgesteld dat elke ontregeling van de dynamiek, functionele stoornissen tot gevolg kan hebben en op langer termijn letsels.

Video 1 : Normale Dynamiek van de kleine tubereus van de maag(frontaal schema)

Video 4 : Vastheid van de kleine tubereus van de maag(frontaal schema)

Video 5 : Normale Dynamiek van de duodenum in diepe ademhaling(frontaal schema)

Video 6 : Vastheid van de duodenum (frontaal schema)

Video 13 : Colon van een geconstipeerd kind(beeld achterzijde)

Om dit idee proberen te bevestigen, hebben we kort geleden een nieuwe statistische studie gevoerd. We hebben de viscerale dynamiek van een patientengroep met specifieke problemen vergeleken met een voorbeeldgroep. De studie was gericht op gevallen van gastralgie, epigastrisch zuur, gastro-oesophage reflux, hiatale hernia, diarree, constipatie. Om dit uit te voeren, hebben we de “Student” en “Fischer Snedecor” tests gebruikt. We zijn tot de conclusie gekomen, dat een bepaalde organische stoornis in vergelijking(correlatie) lijkt te staan met de verstoorde dynamiek in één of meerdere precieze niveaus.

Voorbeelden :

In de gastralgie, zelfs zonder geassocieerde radiologische signalen, is de dynamiek van de duodenum verminderd, zelfs omgekeerd in geval van maagzuur. In geval van diarree, is de dynamiek duidelijk vergroot op de rechter colon(behalve de caecum) alsmede ter hoogte van de splenale hoek en de colon descendens. Dit was een verrassing, maar het verzekerd ons in de wil om te praten van een “stoornis in de dynamiek” en niet alleen van een “vermindering van de dynamiek”. Iets wat we ons niet hadden kunnen voorstellen voor de gevoerde studies.

In geval van functionele constipatie is de hepatale hoek fors in mobiliteit verminderd. Ditzelfde geldt voor de colon links transversaal, de colon iliaque en de rectum, bovendien is de richtingsvariatie van de buigingsas omgekeerd. Het lijkt of er vervorming heeft plaatsgevonden. We constateren dat de verstoorde niveaus overéénkomen met de fysiologische besturing van de in hun functie verstoorde viscerae. In praktisch opzicht, geven deze conclusies niet een recept, want men moet altijd proberen de mogelijke oorzaken van de modificaties van de dynamiek, vast te stellen. Er kunnen vele redenen zijn: storingen in het diafragmatische mechanisme, post-operatieve nadelige gevolgen,storingen in de mobiliteit van de bekken, enz. De osteopatische benadering blijft een geheel.

B. DRUK MODEL

Sinds lange tijd, denken de osteopaten dat de lokale disfuncties van de viscerale dynamiek, min of meer op langer termijn, disfuncties van “proximiteit” veroorzaken. De anatomische banden geven misschien een gedeelte van het antwoord, maar het is mogelijk dat de verspreiding van de druk, voortgebracht door het diafragma, van het ene naar het andere viscerae, het schema completeerd. Ten einde om te proberen een eventueel drukmodel vast te stellen, hebben we gezocht naar de correlatiecoèfficienten tussen elkaar van alle dynamische parameters(verticale- en horizontale verplaatsing, variatie van de buigingsas), voor alle gastro-intestinale buis segmenten en de twee diafragmatische koepels, gedurende de ademhaling. Op dit moment is deze studie, die nog steeds aan de gang is, alleen gerealiseerd voor het frontale schema.

Methodologie

Deze studie is gerealiseerd op basis van radiologische onderzoeken opgeslagen tijdens het gehele onderzoek.

Wij selecteren een element, bijvoorbeeld de rechter diafragmatische koepel. De drie parameters worden vergeleken tussen elkaar en daarna wordt elk vergeleken met de parameters van de linker diafragmatische koepel en alle segmenten van het darmkanaal. Wij herhalen dezelfde operatie met de linker diafragmatische koepel, met de grote en kleine tubereus van de maag, met elk segment van de duodenum, met de jejenum, met de ileon en met elk segment van de colon. Uiteindelijk zullen hierdoor alle parameters op alle niveaus tussen elkaar vergeleken worden. We verkrijgen zo een kaart van druk correlatie in de gehele onderbuik.

Conclusies

Enkele heel interessante begrippen zijn verschenen; Hieronder de belangrijksten:

1. We noteren de perfecte correlaties tussen de dynamiek van de twee diafragmatische koepels. 2. De grote tubereus van de maag heeft meer correlaties met de linker diafragmatische koepel dan met de rechter diafragmatische koepel.

3. De DRUK PEILERS schijnen vorm aan te nemen.

De linker diafragmatische koepel vertoont correlaties met de verplaatsingen van de maag, met de linker transversale colon en de splenale hoek.

Merkwaardig genoeg merken we op dat er geen correlaties zijn tussen de dynamiek van de linker diafragmatische koepel en bepaalde segmenten van de linker colon (descendens en iliaque). De grote tubereus van de maag daarintegen vertoont correlaties met de verplaatsingen van alle segmenten van de linker colon(colon transversaal links, splenale hoek, colon descendens en iliaque). Een gelijke structuur bevindt zich aan de rechterkant, want de kleine tubereus van de maag vertoont correlaties met de verplaatsingen van een gedeelte van de rechter colon. Er is geen correlatie met de caecum, maar wel met de colon ascendens, met de hepatale hoek en de colon transversaal rechts.

4.Verbazend zijn de “GEKRUISDE CORRELATIES”

A. De rechter diafragmatische koepel vertoont de meest beduidende correlaties

– Met de verticale verplaatsing van de duodenum distaal(4de duodenum en duodeno-jejunale hoek) – Met de variatie van de jejunum as

B. De linker diafragmatische koepel vertoont de meest beduidende correlaties .

– Met de verticale verplaatsing van duodenum proximaal(Bulbe, 1ste, 2de en 3de duodenum) – Met de variatie van de ileon as en de colon ascendens

– De linker transversaal en de splenale hoek alsmede de grote tubereus van de maag vertonen gekruisde correlaties met de ileon, de caecum en de colon ascendens.

C.- De rechter transversaal en de hepatale hoek vertonen gekruisde correlaties met de jejunum, met de colon descendens en iliaque.

D.- De kleine tubereus van de maag vertoont gekruisde correlaties met de jejunum en de colon iliaque.

De druk peilers (VIDEO 14 Mo)